Woordenlijst

Adl

Afkorting voor activiteiten van het dagelijks leven, zoals eten, wassen, naar de wc gaan, aan- en uitkleden.

Autonome zenuwstelsel

Betekent letterlijk zelfstandig, onafhankelijk zenuwstelsel. Het functioneert buiten controle van de mens om en wordt daarom ook wel het onwillekeurige zenuwstelsel genoemd.

Cauda equina

Zie Paardenstaart.

Cerebro-spinaal vocht

Zie Liquor

Contractuur

Samentrekking van spierweefsel met daardoor een dwangstand van gewrichten. Ontstaat door weinig beweging en kan met oefeningen, spalken of een operatie behandeld worden.

CT-Scan

Computer Tomogram. Onderzoeksmethode waarbij een röntgenbuis om de patiënt draait, zodat een computer doorsnedefoto’s van bijvoorbeeld de wervelkolom of schedel kan samenstellen.

Echo

Onderzoeksmethode waarbij door middel van weerkaatsende geluidsgolven het inwendige van de mens zichtbaar wordt gemaakt. Wordt ook gebruikt voor nier- en blaasonderzoek.

Functionele Elektro Stimulatie of FES

Techniek waarbij computer gestuurde elektrische prikkels worden gegeven aan de spieren, die daardoor een bepaalde beweging uitvoeren. FES geeft geen herstel, maar imiteert als het ware een natuurlijke beweging.

Hydronefrose

Letterlijk waternieren. Nieraandoening die kan ontstaan door een te langdurige hoge druk in de blaas.

Incontinentie

De onmogelijkheid urine en/of ontlasting op te houden.

Intraveneus pyelogram of IVP

Röntgenfoto van de urinewegen met behulp van contrastvloeistof.

Infarct

Afsterving van weefsel als gevolg van een afsluiting van de bloedtoevoer.

Liquor

De kleurloze vloeistof die het ruggenmerg (en de hersenen) omgeeft. De vloeistof voedt en beschermt het ruggenmerg.

Meningen

Hersenvliezen, die ook de zijdeachtige voering van het wervelkanaal vormen.

MRI

Magnetic Resonance Imaging. Techniek voor het maken van foto’s van weke delen, zoals het ruggenmerg.

NMR

Nuclear Magnetic Resonance. Zie MRI.

Paardenstaart

De bundel zenuwen onder het onderste gedeelte van het ruggenmerg.

Paraplegie

Aandoening, bijvoorbeeld een dwarslaesie, waarbij beide benen verlamd zijn.

Quadriplegie

Zie: Tetraplegie

Residu

Overblijfsel, bijvoorbeeld een restant urine in de blaas.

Spasticiteit

Onwillekeurige samentrekking van spieren onder het niveau van de dwarslaesie, ook wel spasme genoemd.

Spinale shock

Het eerste stadium na de ruggenmergbeschadiging, dat maximaal twaalf weken duurt. Het lichaam reageert op de beschadiging met een slappe verlamming onder het niveau van de dwarslaesie.

Tetraplegie

Aandoening, bijvoorbeeld een hoge dwarslaesie, waarbij beide benen en armen min of meer verlamd zijn. ‘Tetra’ is het Griekse woord voor ‘vier’, waarmee wordt aangegeven dat het gaat om alle vier de ledematen.

Transfer

Engels woord voor overbrenging. Wordt gebruikt om de overstap aan te geven van de ene naar de andere zit- of ligplaats, bijvoorbeeld van de rolstoel naar het bed.

Tubor

Zitknobble

Urodynamisch onderzoek of UDO

Drukmeting van de blaas en sluitspier.

UWV

Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. Deze instantie voert verschillende wettelijke regels voor werknemers uit en regelt uitkeringen. Het GAK en Cadans vallen onder het UWV.

Vegetatieve zenuwstelsel

Zie autonome zenuwstelsel.

 

SCI Information

The Ride for Research