Verlamming benen, armen en romp
Als commando’s vanuit de hersenen om te bewegen niet worden doorgegeven aan de spieren, ben je verlamd. De spieren zijn hun besturing kwijt en blijven onbenut. Een dwarslaesie heeft vrijwel altijd een volledige verlamming van de benen tot gevolg.
Naarmate de beschadiging hoger zit, zal de romp verder verlamd en gevoelloos zijn. Dit kan het moeilijker maken om een goede zithouding aan te nemen en het evenwicht te bewaren. Dagelijkse handelingen waarbij de armen nodig zijn, zoals kleden, wassen en eten, kunnen daardoor moeilijk uit te voeren zijn.
Als de dwarslaesie zo hoog is dat de arm- en handfunctie is verstoord, is de afhankelijkheid van anderen in de regel groot. Zelfs de meest essentiële activiteiten, zoals het voortbewegen van de eigen rolstoel en de lichamelijke verzorging, kunnen bemoeilijkt of onmogelijk zijn.
Bij een hoge dwarslaesie zijn ook rib- en buikspieren verlamd, die onder meer worden gebruikt bij diep in- en uitademen en bij hoesten. Het ademhalen gebeurt dan alleen door het middenrif. Als gewoon hoesten niet gaat, kan een opeenhoping ontstaan van slijm in de longen. Dit kan infectie geven. Vaak is het mogelijk te leren op een andere manier te hoesten, al dan niet met hulp. Dit wordt ‘uitdrukken’ genoemd. Het gebeurt door bij het hoesten met de handen tegendruk te geven op de buik. Alleen bij hele hoge dwarslaesies (bij de bovenste drie wervels) is het middenrif verlamd, waardoor zelf ademen moeilijk of onmogelijk is. Dan ben je aangewezen op beademingsapparatuur.
Overige stoornissen benen, armen en romp
Afhankelijk van de hoogte van de laesie is er sprake van een slappe of spastische verlamming. Als dat laatste het geval is, kunnen de spieren beneden de beschadiging onwillekeurig aanspannen, zonder dat hierop controle mogelijk is. Dat kunnen kleine bewegingen zijn, maar het kan ook zo zijn dat een verlamd been plotseling omhoog schiet. Dit wordt spasticiteit of spasme genoemd. Een lichte mate van spasme kan nuttig zijn om de spieren een beetje in conditie te houden. Spasme is vaak aanwezig en kan toenemen bij lichamelijke problemen, zoals een verstopping in de darmen, een blaasontsteking, drukplek of wondje. Ook psychische factoren, bijvoorbeeld spanning, kunnen spasme bevorderen. Spasme kan worden tegengegaan door het wegnemen van de oorzaak, en eventueel door therapie en spasmeremmende medicijnen.
Spieren en Gewrichten
Spieren en gewrichten kunnen onbruikbaar worden als zij te weinig bewegen en veel in één stand blijven. Hierdoor ontstaat een ‘verkorting’ van het spierweefsel of ‘schrompeling’ van het gewrichtskapsel. Het weefsel trekt dan samen, zodat het gewricht in een ‘contractuur’ of dwangstand raakt. Het zogenaamde 'doorbewegen' van spieren en gewrichten door de fysiotherapeut is in de beginfase heel belangrijk om contracturen te voorkomen. Zelf oefenen kan - indien mogelijk - ook veel verbetering geven. Pas als dit echt geen effect heeft, kan een behandeling met spalken of een operatie nodig zijn.
Gevoel
Het lichaam wordt beneden de beschadiging dikwijls niet gevoeld. Dit kan in het begin een vreemde gewaarwording zijn, alsof dat deel van het lichaam er niet echt bij hoort. Inwendige pijn wordt meestal eveneens niet meer gevoeld en daarmee is onder andere een natuurlijke waarschuwing weggevallen.
Het lijkt vreemd, maar mensen voelen soms pijn in hun overigens gevoelloze benen of armen. Dit lijkt op de ‘fantoompijn’ die mensen na een amputatie kunnen ervaren. Ook kan ‘wortelpijn’ ontstaan, die wordt veroorzaakt door beschadigde zenuwwortels. Het blijkt lastig te zijn deze pijn te bestrijden. In de praktijk blijkt regelmatig dat hoe actiever iemand is, hoe kleiner de kans is op pijn. Sommige mensen hebben baat bij sport of yoga. Na verloop van tijd kan de pijn minder worden of verdwijnen.